Kring van begunstigden
Van oudsher is een lijfrenteverzekering bedoeld om uw pensioen mee aan te vullen. De wet schrijft voor dat er daarom bij overlijden een beperkte kring van begunstigde(n) mag zijn. In dat kader schrijft de wet een zogenaamde 'beperkte kring van begunstigden' voor. Deze kring bestaat uit de partner van de verzekerde en kinderen die de leeftijd van 30 nog niet hebben bereikt. Als de verzekerde(n) komen te overlijden en er is geen partner en/of kinderen onder 30, dan blijft het lijfrentekapitaal bij de verzekeraar staan.
Contraverzekering
Omdat veel verzekerden moeite hebben met deze constructie bieden verzekeraars een zogeheten contraverzekering aan. Deze verzekering zorgt er voor dat de nabestaanden wel over het resterende bedrag kunnen beschikken.
Een contraverzekering is feitelijk een overlijdensrisicoverzekering die wordt afgesloten tegen een eenmalige premie (koopsom).
Het is belangrijk dat de begunstigde(n) op de contraverzekering zelf de premie betalen. Zo voorkomt u dat er sprake is van een schenking en er successieheffing over de uitkering geheven zou worden.
Banksparen
Banksparen werkt een stuk simpeler. Er is geen sprake van een verzekering, dus er hoeft ook geen dekking bij overlijden te worden afgesloten. Bij banksparen keert de spaarrekening periodiek (bijv. iedere maand) een bedrag uit. Als de rekeninghouder komt te overlijden, dan gaat het resterende saldo naar de partner en/of kinderen. Mochten die er niet zijn, dan wordt het resterende lijfrentesaldo belast in box 1 (werk en inkomen) bij de overleden rekeninghouder. Het netto bedrag dat overblijft wordt gestort op de betaalrekening van de overleden rekeninghouder, zodat het via de erfenis bij de erfgenamen terecht komt.
Dit is een van de belangrijke verschillen tussen banksparen en verzekeren.