Banksparen is een gemakkelijk en overzichtelijk product. Je kiest voor een rente die de gehele looptijd vaststaat, of je kiest voor een rente die meebeweegt met de markt. De Rabobank weet dit supersimpele product toch wat complexer te maken.
Geen gegarandeerd eindkapitaal bij Toekomstsparen
Het mooie van een deposito rekening is, is dat je een hogere rente ontvangt over je spaargeld, in vergelijking met een vrij opneembare spaarrekening omdat je er voor een bepaalde tijd niet aan kunt komen. De rente die je ontvangt worden jaarlijks bijgeschreven op de spaarrekening, waardoor je een aardige cent spaart door het rente op rente effect. De Rabobank doet dit echter anders.
De Rabobank keert de rente 1 keer per jaar uit, maar schrijft die niet bij op de lopende depositorekening, maar zet deze rente opnieuw vast tegen de dan geldende rente voor de resterende looptijd. Door deze voorwaarde weet je niet waar je aan toe bent, omdat je niet weet hoe de rente zich ontwikkelt.
Een voorbeeld
Stel je opent een depositorekening met een looptijd van 10 jaar waarbij de rente op 4,75% per jaar staat. Je ontvangt dan jaarlijks € 475,-- aan rente. Deze € 475,-- wordt vastgezet voor 9 jaar tegen de dan geldende rente.
In jaar 2 ontvang je wederom € 475,-- rente en ontvangt je rente over de € 475,-- van jaar 1. Deze gezamenlijke rente uitkering wordt vastgezet voor 8 jaar tegen de dan geldende rente.
In Jaar 3 ontvang je wederom € 475,-- rente + de rente over € 475,-- van jaar 1 + de rente over de rente van € 475,--. Dit wordt voor 7 jaar vastgezet.
Voorbeeld berekening:
Zoals je ziet krijg je in dit voorbeeld een eindkapitaal van € 15.756,66. Het verschil met andere aanbieders is dat bij andere aanbieders (OHRA, SNS Bank etc) de rente op dezelfde rekening wordt bijgeschreven. Dit heeft als effect dat je over de rentebijschrijvingen ook 4,75% rente ontvangt en je dus van te voren weet hoeveel je gespaard hebt na 10 jaar, namelijk € 15.905,24.
De Rabobank geeft in haar offertes dus geen garantiekapitaal af, maar berekent het bedrag behorende bij een rentevergoeding die gemiddeld 1% lager ligt dan de startrente en het bedrag behorende bij een rente welke gemiddeld 1% hoger ligt dan de startrente.
De vraag is echter hoe reëel dit is. De rente wordt immers voor een steeds kortere duur vastgezet en over het algemeen geldt dat een kortere periode waarin de rente vaststaat resulteert in een lagere rentevergoeding.